Welke vogels zie jij?

Onze recensie

Kim Merel Veenman heeft haar naam beslist niet gestolen. Als bioloog moest ze wel een boek uitgeven over vogels.

Welke vogels zie jij? mikt op heel jonge kinderen. Dat merk je meteen aan de dikke, geplastificeerde pagina’s met afgeronde hoeken.

Het boek opent met een dubbele pagina met centraal een vink, waarvan met pijltjes en woorden de belangrijkste lichaamsdelen aangeduid zijn. Het versje nodigt uit om aan te wijzen en aan te vullen: ‘Een snavel, een vleugel en een veer./ Wijs maar aan: wat heeft een vogel nog meer?’ Half verborgen achter bomen of de rand van de pagina’s kun je nog andere vogels ontdekken, wat nieuwsgierig maakt naar meer.

De volgende dubbele pagina’s bestaan telkens uit een grote overzichtsplaat waarop vogels afgebeeld zijn in hun natuurlijke omgeving en een strook bovenaan, waarop je die vogels klein tegen een effen achtergrond ziet, met de passende naam. Sloot, bos, strand, tuin en wei komen aan bod, met vogels van waterhoen tot reiger, van gaai tot uil, van aalscholver tot strandloper, van ekster tot winterkoning en van putter tot ooievaar.

Op de slotpagina’s zorgen alle vogels samen voor een kleurrijk spektakel. Die prent maakt meteen nog eens duidelijk wat de kracht van de illustraties uitmaakt: de vogels zijn heel duidelijk getekend, zodat je ze met kleuter of peuter meteen kunt herkennen in de natuur.

Jan Van Coillie

Nieuw

Thema's

Leeftijd

Auteur