Beer doet een dutje

Onze recensie

Emily Gravett verstaat de kunst om van een prentenboek een voorleesklassieker te maken. Je begint met samen te  kijken naar een reeks van vier prentjes die Beer (en de kleine kijker?) typeren: hij smult van een boterham met honing, leest een boek over een beer, neemt gezellig een bad en poetst zijn tanden. Dan volgt een grote prent met Beer in bed en daaronder de spannende regels: ‘Toen Beer in zijn Bedje bijna sliep,/ hoorde hij iemand die keihard riep …’

Meteen wil je de pagina omslaan om te ontdekken wie hem wakker maakte. Dat ontdek je pas als je heel goed kijkt. Beer ontdekt het in elk geval niet, wat de kijker/luisteraar een prettig gevoel van superioriteit kan bezorgen. De voorleespret wordt versterkt door de tekstballonnen met het negen keer herhaalde ‘TJIEP’. Beer is intussen klaarwakker en gaat op zoek naar de dader. Een muis is het niet, want die zegt ‘Piep piep piep piep. Vervolgens bewijzen een slang, een uil, een kraai, een ezel, vosjes, een pad, een eend en een kip dat zij het niet geweest zijn door luidkeels hun geluid ten gehore te geven. Reken maar dat de kleine luisteraars dat geluid al snel nabootsen.

Het voorlezen wordt nog leuker door het stapeleffect: nadat het betreffende dier zijn of haar geluid liet horen, krijgt Beer alle geluiden die de revue al passeerden nog eens over zich heen. Ook de beschrijving van zijn reactie is klankrijk, met alliteraties en klinkerrijm: ‘Hij gromde en mokte/ toen hij zijn gezellige grot uit sjokte.’

Hoe het afloopt, moet je zelf ontdekken. In elk geval is de finale een ode aan de vriendschap en heb je intussen nog eens kunnen genieten van een heuse kakafonie.

Jan Van Coillie

Nieuw

Thema's

Leeftijd

Auteur