Wandert

Onze recensie

Wandert groeit op in een buitengewoon gezin tijdens de jaren 50 van vorige eeuw. Zijn vader is de artiest ‘Ladinie’, die zingt en piano en accordeon speelt. Door zijn optredens in het theater en de muzieklessen die hij geeft in de achterkamer, onderhoudt hij zijn gezin. Moeder is huisvrouw, wier dagtaak eruit lijkt te bestaan de vrouwelijke fans uit de buurt van haar man te verjagen en hem op het rechte pad te houden. Wandert wil geen ‘dooievisjesvreter’ worden, zoals moeder de mannen met een kantoorbaan noemt. Hij voelt zich artiest in hart en nieren. Maar vader wil hem absoluut van dat idee afbrengen en weigert hem zelfs noten te leren. Toch zoekt Wandert koppig zijn eigen weg in de artiestenwereld. Als hij geen muziek mag leren, kan hij wel leren dansen! De auteur baseerde haar boek op de verhalen die haar vader vertelde over zijn jeugd. Haar vader groeide op in een artistiek nest, vlak na de Tweede Wereldoorlog, net als het hoofdpersonage Wandert.

Al vanaf de eerste bladzijden sloot ik de jonge Wandert in mijn hart. Hij groeit op in een chaotisch gezin in een vrij conformistische maatschappij, maar slaagt er toch in om rustig zijn eigen gang te gaan. Hij gedraagt zich ouder dan een kind van 10. Op school is hij een buitenbeentje tussen alle burgerlijke kinderen, maar daar lijkt hij zelf geen last van te hebben. De meeste kinderen uit zijn klas hebben nog nooit het ‘grand theatre’ van binnen gezien. Maar Wandert gaat vrolijk héél vaak naar de film. Marika Rök inspireert hem om zichzelf te leren dansen en toneelspelen, want hij weet zeker dat hij voorbestemd is om artiest te worden. Hij oefent ook waar en wanneer hij maar kan. Vaak speelt hij monologen vanuit de vensterbank voor de voorbijgangers. Uiteindelijk zal hij de grote stap zetten naar het circus.

De auteur slaagt erin het verhaal luchtig en grappig te houden. De jaloerse moeder reageert soms erg hevig op de vrouwelijke fans van de vader. Ze gaat hem zelfs ’s avonds laat afhalen in Amsterdam waar hij een optreden heeft en neemt haar zoon mee. De sfeer is grimmig, maar Wandert slaagt erin de lont uit het kruitvat te halen door een grappig toneeltje op te voeren. Hij zit op een streng katholieke school, waar hij Bijbelse verzen, uit het hoofd moet leren. Wanneer hij voorgesteld wordt aan de circusdirecteur, weet hij niet dadelijk een snuggere zin uit te brengen. Hij kiest dan maar voor één van de geleerde verzen: “Dag God van leven, God van licht.” Het boek is opgedeeld in korte hoofdstukken van een tiental bladzijden elk. Dat houdt de vaart erin. Door het vele gebruik van dialogen leest het vlot.

Dit is een positief en warm boek dat een non conformistische familie tot leven brengt. Een mooi eerbetoon van de auteur aan haar vader.

Lut Vanderaspoilden

 

Weetje

Yvonne Jagtenberg schreef en tekende veel prentenboeken. In 2006 won ze met haar boek ‘Balotje en het paard’ een Vlag en Wimpel. ‘Hondje’ werd bekroond met het Zilveren Penseel 2016. Voor het prentenboek ‘Mijn wonderlijke oom’, gebaseerd op de film ‘mon oncle’ van Jacques Tati, ontving ze in 2019 een Gouden Penseel en voor ‘Hup Herman’ kreeg ze in 2020 een Gouden Penseel. In 2002 ontving Jagtenberg het Charlotte Köhlerstipendium voor haar hele werk.

Nieuw

Thema's

Leeftijd

Auteur