Waarom maak ik me (soms) zorgen?

Onze recensie

Het haalde recent nog de media: kinderen maken zich zorgen door de natuurrampen, oorlogen en oorlogsretoriek die het nieuws overspoelen. Deze zorgen komen niet in dit kartonboekje voor jonge kinderen voor, wel ‘doordeweekse’ zorgen, zoals dat je mama boos zou zijn omdat je op de tafel kliederde, dat er een monster onder je bed zit, dat je knuffel kwijt is, zorgen over veranderingen als de komst van een nieuwe baby waardoor je naar een andere kamer moet, zorgen om je zieke tante of omdat je naar de tandarts moet.

Het boekje bevat zes hoofdstukken rond evenveel vragen: Wat zijn zorgen?;/ Maakt iedereen zich zorgen?/ Hebben mijn vrienden zorgen?/ Waar komen zorgen vandaan?/ Moet ik me zorgen maken?/ Wat kan ik doen met mijn gepieker? De antwoorden steken deels achter flapjes. Een formule die haar succes bij kinderen al in veel boekjes bewezen heeft, omdat ze op een speelse manier inspeelt op hun nieuwsgierigheid. Een voorbeeldje van hoe dat werkt: ‘Ik maak me zorgen over Moeps’ (Moeps is een kat). Achter het flapje lees je ‘Die dierenarts zal hem beter maken.’ En zie je hoe het kind met mama en Moeps door de vriendelijke dierenarts ontvangen wordt. Soms is wat achter het flapje verborgen zit verrassend. Bijvoorbeeld bij de angst om te vliegen: je ziet het kind naast een volwassen vrouw in het vliegtuig met als tekst: ‘Het komt wel goed, tante’.

Herhaaldelijk wordt het advies gegeven dat je je zorgen kan verdrijven door plezier te hebben of te maken, door te dansen, te zingen en te spelen. Een belangrijk advies is ook dat je je geen zorgen hoeft te maken over dingen waar je niets aan kunt doen. Het laatste hoofdstukje focust helemaal op wat je kan doen met je zorgen en gepieker, onder meer delen met iemand die je vertrouwt en ze op papier zetten en in een ‘zorgendoos’ stoppen.

Aan de volwassenen om ervoor te zorgen dat dit boekje gebruikt wordt om kleine piekeraars te helpen hun zorgen te delen en ermee om te gaan.

Jan Van Coillie

Nieuw

Thema's

Leeftijd

Auteur