Het sleutelbeengebaar

Onze recensie

Boeken die zich afspelen in de toekomst zijn normaal niet mijn eerste keuze. Het was dan ook een beetje met tegenzin dat ik aan dit boek begon. Het feit dat het maar 144 bladzijden telt, hielp ook niet om mij te overtuigen, als liefhebber van eerder dikke, uitgebreide verhalen. Maar de achterflap had me geïntrigeerd: een illegaal die gaat zorgen voor een zwaar gehandicapt meisje en er ontstaat daaruit een vriendschap. Daar kan ik wel heel wat mee! Het boek vermengt de visie van het hoofdpersonage, Botan Ran, met de gedachten van Yuki, zijn patiënt. Op die manier krijg je al snel emoties en gevoelens in het verhaal verwerkt, en dan hoor je mij niet meer klagen. Botan doet samen met zijn beste vriend Plin zijn best om in de maatschappij waarin hij leeft te passen, maar wel zonder op te vallen. Hij heeft namelijk geen volle rechten als burger, en na enkele weken komt het bericht dat hij al een tijdje vreest: ze worden allebei uitgewezen. Tijdens hun uitwijziging slagen ze erin te ontsnappen, maar alleen Botan haalt het terug. Zijn enige kans om daarna te overleven is om onder te duiken en zich voor te doen als een C2, een zorgrobot, die toevallig naar zijn evenbeeld is gemaakt.

In die rol komt hij terecht bij Yuki, een 18-jarige vrouw met meervoudige handicaps. Ze is zo goed als blind en haar benen zijn verlamd. Ze heeft dus overal hulp bij nodig en doet daarvoor een beroep op een zorgbot, wiens plaats Botan probeert in te nemen. Maar in de korte tijd dat ze samen zijn, groeit er tussen de drie een hechte vriendschap. Samen vormen ze een drie-eenheid die perfect werkt. Maar dan komt de regering hen op het spoor en wordt het hun te warm onder de voeten. Vluchten is de enige optie, naar het platteland. Dat is een lastige tocht voor eender wie hem onderneemt, maar voor een illegaal, samen met een zorgbot en een meisje met zware handicaps, is het helemaal een mission impossible…

Het verhaal speelt zich zoals gezegd af in de nabije (niet nader genoemde) toekomst, in de Verenigde Steden. Daar heeft elke inwoner een account, met een portal die ze aan hun arm dragen, als een soort smartwatch. Wie niet meer mag blijven, wordt uitgewezen. Tijdens zijn uitwijzing slaagt Botan erin te ontsnappen, maar daarna moet hij wel onderduiken. Hierdoor speelt de interactie tussen de 3 hoofdpersonages zich grotendeels binnenshuis af, waardoor je soms bijna zou vergeten dat je in een toekomstroman zit. Maar de problemen waar ze zich mee geconfronteerd zien, laten er wel geen twijfel over bestaan: PureLocal controles en uitzettingsbevelen, een verbod op ‘wilde voortplanting’, DNA-screenings, …

Vanaf deel II focust het verhaal vooral op de interpersoonlijke communicatie tussen onze drie personages. Al is dat woord mogelijk wat slecht gekozen, omdat het hier gaat om interactie tussen Yuki, Botan en C2, die niet menselijk is . Al heeft hij – zo is hij ook geprogrammeerd – menselijke trekken, en een ‘nieuwsgierigheid voor nieuwe dingen’ waardoor hij in kan spelen op heel wat situaties. De eerste interactie tussen Botan en C2 is gewoon schattig: “Discretie staat hoog in onze programmatuur, maar aangezien wij moeten kunnen bijleren, zit er ook een grote factor ‘interesse voor nieuwe zaken’ in ons systeem. Bij mensen noemen ze dat ‘nieuwsgierigheid’ geloof ik. U lijkt op mij en toch bent u geen C2?’ (p. 92) Je merkt ook dat de C2 menselijker wordt door de interactie met Yuki en Botan: ‘Mocht u zich zorgen maken, ik heb zelf ook het initiatief genomen om mijn connectie met de moederfabriek uit te schakelen’, zegt de C2. (…) ‘ik heb een manier gevonden om mezelf te hacken, zodat ik kan blijven functioneren zonder dat mijn whereabouts gevolgd kunnen worden. Er klinkt een soort trots in C2’s mededeling.’ (p. 122)

Die band tussen de drie hoofdpersonages draagt het verhaal. Volgens mij kan je niet anders dan met hen meeleven, nagelbijten en hopen. Een ding springt er bij mij bovenuit: het respect tussen de drie, en hoe ze op zo’n korte tijdspanne voor elkaar door het vuur gaan. Het staat mij toe om de andere kanten aan dit verhaal een beetje onder de mat te schuiven, en dat heb ik wel nodig. Een wereld waarin een Human Zoo bestaat en mensen met een handicap gewoon in leven worden gehouden, daar word ik niet vrolijk van. Van de interactie tussen de drie wel! Het is vooral mooi om te zien dat in een wereld waarin mensen meer en meer individualistisch leven, zij drie in hun bubbel net het tegenovergestelde doen. Het zijn niet de mensen die meer robot worden, maar de robot wordt meer menselijk.

 

Barbara Artoos

 

Nieuw

Thema's

Leeftijd

Auteur