In 1972, midden in de Flower Power periode, brachten Elly en Rikkert in Nederland een LP op de markt die het sprookje van het Oinkbeest vertelde. Het was een 30 minuten durend sprookjesverhaal dat doorspekt werd met liedjes en muziek. Ook in Vlaanderen werd het sprookje populair. Het werd opgevoerd in vele scholen als toneelvoorstelling of op schoolfeesten. Illustrator Inge Bogaerts zat als kind vele uren gekluisterd aan de geluidsbox bij haar thuis om telkens weer het sprookje te beluisteren. Ze bleef zozeer in de ban van het verhaal, dat ze jaren later besloot er een graphic novel over te maken.
Ze blijft helemaal bij het oorspronkelijke verhaal. Elfje Zelfje woont in een sprookjesbos waar ze vredig samenleeft met vijf Gompies, de toverzussen Cherubijn en Serafijn en een hele schare toverbosbewoners. Bij een plots hevig onweer valt een Oinkbeest uit de lucht. Wat nu?
Inge Bogaerts gebruikt in haar boek voornamelijk de originele tekst van het verhaal en van de liederen. Af en toe vult ze aan met korte zinnetjes en uitspraken. Leuk vond ik dat ze op die manier ook enkele sprankeltjes van de huidige muziek- en TV-cultuur binnensmokkelt in het verhaal. In de bonte bende die de sistemen wil gaan bestrijden met muziek, zingt er eentje ‘On met la patate’; Rond het kampvuur zingen enkele kabouters ‘Alors on danse’ en roept een gompie ‘ Sjamayee’. Ook in de figuurtjes die ten strijde trekken herkennen we enkele TV-ikonen: meneer de uil van Fabeltjeskrant, de Gruffalo of het Liegebeest. Op het eindfeestje zijn ook Elly en Rikkert aanwezig, een charmante hommage aan dit duo.
Een muzikaal sprookje uit de hippieperiode in een hedendaagse graphic novel gieten lijkt me een hele uitdaging. Maar Inge Bogaerts slaagt hierin. Het helpt wel dat de thema’s die in het sprookje worden aangevoerd nog steeds actueel zijn. Er komt een wezen uit een andere cultuur in de bosgemeenschap aan. Hij zoekt een plekje om te wonen. De gemeenschap trekt ten strijde tegen de harteloze ‘sistemen’ die enkel oog hebben voor regels, wekkers, prikklokken, badges en die allergisch zijn aan muziek en schoonheid.
In het boek staat de hele tekst van het muzikale sprookje. Ook de liedteksten zijn integraal opgenomen. Voor wie het sprookje van Elly en Rikkert niet kent, kan dat misschien vreemd overkomen, hoewel het leuke poëtische intermezzo’s zijn. Op het einde van het boek staat een QR code waarmee je het oorspronkelijke verhaal kan beluisteren en daarin komen die liedteksten volledig tot hun recht.
De illustraties zijn zorgvuldig uitgewerkt en getuigen van een grote fantasie. Geen enkele bladopmaak is dezelfde. Bladzijden met stripprentjes inclusief tekstballonnetjes wisselen af met illustraties die een hele pagina vullen of met een dubbel blad vol kleine plaatjes en tekst. Het boek verveelt nooit en de lezer vertoeft voortdurend in een dromerige sprookjeswereld. De illustrator koos niet voor één hoofdkleur, maar gebruikt over de bladzijden heen het hele kleurenpalet. Nooit zijn het harde, agressieve kleuren, ook niet bij de strijd tegen de systemen. Deze laatste zijn trouwens enkel in grijswaarden afgebeeld.
Het Oinkbeest is een geslaagde remake in 2D van het muzikale sprookje van Elly en Rikkert. Voor wie sinds lang fan is van het duo is het een leuke herinnering. Voor de generaties die het sprookje nog niet kennen, is het een aangename kennismaking met een jaren 70 sprookje in een hedendaagse fantasierijke verpakking.
Lut Vanderaspoilden