In 21 korte verhalen gaat een koning in gesprek met de zee, de regen, zijn schaduw, een boom, een wolk, maar ook met een kat, een hond, een eekhoorn en een bij of met een trompet en een visnet. Het worden filosofische gesprekjes die de lezer tot nadenken dwingen.
De koning is een atypische figuur. Hij is een klein mannetje met een veel te lange jas, een rode neus en rode oortjes en een bovenmaatse kroon. Hij straalt geen koninklijk gezag uit. In tegendeel, in zijn gesprekjes moet hij vaak het onderspit delven. Af en toe staat hij verbaasd over de macht die hij toch wel kan uitoefenen, al is het resultaat niet altijd wat hij beoogde. Zo vraagt hij aan de hemel een deken en krijgt hij een sneeuwtapijt. Hij wil extra zout op tafel en krijgt van de zee een hele vloedgolf binnen. Maar dat lijkt hem niet uit het lood te slaan. Hij omarmt deze geschenken. Op andere dingen wil hij zijn gezag laten gelden, maar ook dat lukt niet altijd. Hij wil niet moe worden, maar geeft wat later toch toe aan zijn vermoeidheid. Hij wil de hond overheersen, maar eindigt dan toch achter het beest aanhollend. De koning staat steeds open voor nieuwe ervaringen. Hij gaat met de kat in de zon liggen en luistert naar de wind in de kroon van een boom. Op de laatste bladzijde legt hij zijn kroon op het strand en gaat zonder kroon in zee zwemmen.
De tekeningen zijn erg sober. Ze bestaan uit collages, verlevendigd met enkele potloodstrepen. Op elke pagina is de kleine koning de hoofdfiguur. Verbazingwekkend vind ik hoe de illustrator datzelfde figuurtje telkens een heel eigen uitstraling geeft. Zijn rode neusje kleurt bloedrood wanneer de bij hem steekt. Zijn gezicht wordt scharlakenrood wanneer hij zich boos maakt op de hond. Soms staat zijn gezicht verbaasd, dan weer genietend of gebiedend. Steeds wordt de aandacht naar hem getrokken.
Geen enkel van de 21 verhaaltjes, die hoogstens één bladzijde in beslag nemen, heeft een mooi afgelijnd einde. Elk gesprekje van de kleine koning nodigt uit om verder te denken of te filosoferen over het aangehaalde thema. Daaruit bestaat dan ook de kracht van dit kleine boekje.
Lut Vanderaspoilden