40 verwonderverhalen. De ondertitel geeft meteen ook de bedoeling van dit boek weer: het wil verwondering wekken voor het bos. In 40 heel korte verhalen en gedichten zet het niet alleen aan tot verwondering maar geeft het ook informatie over het bos en wat er daar gebeurt in de loop van de seizoenen. Die doelen maakt Papa Beer meteen duidelijk in de brief aan zijn lieve berenkind waarmee het boek opent: ‘Nu mag jij het lezen, om te leren,/ om je te verwonderen, om te delen.’
Het boek bevat acht delen, waarin de tekstjes gegroepeerd worden rond thema’s als woningen van de bosbewoners, wat zich tussen de bomen afspeelt, bijzondere beestjes en zaden. In kort bestek krijg je informatie over onder meer bestuiving, de vogeltrek, de wortels van bomen, hoe je boomringen kunt ‘lezen’, wat regen is, hoe een vlinder zich ontpopt, schimmels en sporen en mossen. De uitleg is verpakt in eenvoudige zinnen, die wel geregeld moeilijke woorden bevatten als ‘symbiose’, bryofyten’, ‘rizoïden’ of ‘ballistochorie’. Deze termen worden met opzicht ingelast in een context die de betekenis verduidelijkt. Achteraan in het boek worden ze nog eens opgelijst als ‘verwonderwoorden’, met telkens een korte definitie.
De meeste versjes lopen lekker, al worden sommige in vertaling toch ontsierd door rijmdwang, met opvullers als ‘moet je weten’ of ‘bovendien’ of geforceerde en zelfs foute regels, ingelast om te rijmen, bijvoorbeeld ‘Vos heeft zelf een Den gebouwd’, wat niet klopt natuurlijk, hij bouwde wel een nest in een den voor zijn jongen. Maar er steken ook verrassende rijmpjes tussen, zoals ‘De nachtwereld’, met klankrijke neologismen als ‘de flip-flap-zig-zag vlugge vleermuis’ of het spitse ‘rekenen met spin’:
Spin + spinnen = zijde
Spin + zijde = web
Spin + web = vlieg
Spin + vlieg = HAP!
Het boek is verzorgd uitgegeven met een ruime bladspiegel en veel kleurrijke illustraties in een nostalgische, typisch Britste tekenstijl die doet denken aan klassiekers als The Wind in the Willows of Winnie the Pooh.
Jan Van Coillie