‘De nieuwe kleren van de keizer’, het gekende sprookje van Andersen, inspireerde Selma Noort tot een spannend verhaal met een erg actuele ondertoon. Het is geen moderne versie van het sprookje, maar de kernboodschap blijft wel behouden.
De elfjarige prins Augustus (Augie voor de vrienden) groeit op zonder ouders. Zijn mama stierf in het kraambed en zijn vader vertrok 8 jaar geleden om de grenzen te bewaken. Hij keerde nooit terug. Gelukkig is er Sofie, Augies trouwe kindermeisje. Sofie slaapt in de kamer naast hem en zijn moeder zorgde ervoor dat er tussen de twee kamers een verborgen deur werd gemaakt. Die deur speelt een cruciale rol in het verhaal. Enkele ridders beramen immers een staatsgreep en willen een domme, ijdele neef van Augie als marionet op de troon. Augie wordt opgesloten in zijn torenkamer en zal proberen met de hulp van een aantal vrienden deze staatsgreep te voorkomen en het volk aan zijn kant te krijgen.
De vaak gelauwerde schrijfster laat ook in dit boek haar taalvaardigheid zien. Een verteller brengt het verhaal. Door de vele dialogen, de korte zinnen en de levendige beschrijvingen krijgt de lezer amper tijd om te ademen. De personages komen voor de ogen van de lezers tot leven: “Markies Lodewikus was een jaar of dertig. Hij was niet groot, maar ook niet klein. Hij droeg laarzen met een hoge hak en een krullende pruik. Zijn wipneus was wit bepoederd en zijn pruilmondje paars geverfd. Zijn wenkbrauwen bestonden uit verwonderde potloodboogjes, en op zijn wangen waren rode rondjes geschilderd.” (blz. 55) We merken meteen dat deze man een cruciale rol in dit boek zal spelen. Deze ijdeltuit en opschepper is ervan overtuigd dat zijn schoonheid en rijkdom ervoor zullen zorgen dat het volk hem kritiekloos zal volgen. Jammer genoeg is dit een actueel gegeven, net als de overtuiging van de ridders: “Een eerlijke keizer die vrede en vriendschap wil. Om te kotsen! Vrede en vriendschap? Dan zitten wij, ridders, zonder werk.” (blz.25)
De held van het verhaal is natuurlijk Augie. In het begin van het boek oogt hij jong, kwetsbaar en een beetje naïef. Maar gaandeweg ontpopt hij zich tot een dappere, waardige volgende keizer met een hart voor zijn volk en aandacht voor vriendschapsbanden.
Dit speelse sprookje dat tot nadenken stemt, zal zeker heel wat kinderharten beroeren.
Lut Vanderaspoilden