Brand

Onze recensie

Brand begint meteen vurig met een stomende scène die je zonder omhaal het boek in trekt. Anke Kranendonk doet dat met zachte, maar vooral vaste hand en pen. Zonder sensatiezucht en zo suggestief dat je nieuwsgierig wordt naar het vervolg. Die kracht van de suggestie beheerst de auteur meesterlijk. Zowel in de overkoepelende verhaallijn als in de meest intieme of dramatische scènes vindt ze een passend evenwicht tussen wat wel en niet gezegd wordt.

De vrijpartij tussen Roman en Celine, het mooiste meisje van zijn klas, wordt onderbroken. Dat lijkt een voorafspiegeling van het verdere verloop. Telkens weer wordt wat belangrijk is niet gezegd of gedaan. Al snel wordt duidelijk dat Roman gebukt gaat onder een vreselijk trauma, dat hem voortdurend blokkeert. Pas na zo’n dertig pagina’s kom je als lezer te weten dat het iets met zijn zusje te maken heeft. Wat er precies gebeurd is, blijkt taboe, wat voor een intense spanning zorgt. Wel blijkt een brand in de buurt van de school Roman helemaal van slag te maken. Pas zo’n vijftig pagina’s verder verneem je wat er gebeurde net vóór wat niet genoemd mag worden, gebeurtenissen die Roman opzadelden met een verpletterend schuldgevoel: hij voelt zich verantwoordelijk voor wat zijn zusje overkomen is. De auteur voert in deze scène het ritme op, wat perfect past bij Romans gedachtestroom. Dat doet ze opnieuw wanneer Roman eindelijk vertelt over de brand waar zijn zusje in bleef en ook daar verhoogt dat de intensiteit.

Het motief van de brand wordt versterkt door de band die ontstaat tussen Rowan en Kevin, die hem meeneemt naar brandweeroefeningen waar hij aan deelneemt als vrijwilliger. Enerzijds wil Rowan er helemaal niet naar toe, maar anderzijds wordt hij er als het ware naar toe gezogen. Je voelt als lezer dat er een band is met de brand waarbij Rowans zusje omkwam, maar het duurt tot het einde van het boek tot die band opgehelderd wordt en de opgevoerde spanning opgeheven wordt, in een sterk beschreven gesprek met geloofwaardige overgangen tussen ontkennen en bekennen, tussen leugens en waarheid. Toch had de auteur de verhaallijn rond Rowan en Kevin strakker in de hand mogen houden. Enkele keren weidt ze uitvoerig uit over de brandweeroefeningen, met details en informatie die nodeloos afleiden van de spanningsboog die ze opbouwt.

Anke Kranendonk slaagt er ook in haarscherp te verwoorden hoe het ondraaglijke verlies de relaties binnen Romans gezin aantast. Dat doet ze met krachtige beelden en rake beschrijvingen van lichaamstaal, dat alles vanuit het standpunt van Roman. ‘Ik voelde het meteen, we kwamen weer in de beleefdheidstand. Behandelden elkaar heel lief als breekbaar porselein. Alleen waren we allemaal al gebroken.’ Of wat verder: ‘Het was alsof de centrifuge begon te draaien. Met volle kracht werd ons gezin platgeduwd tegen de zijkant van de trommel en tussen ons in zat een donker gat.’ Kranendonk heeft ook maar enkele gesprekken nodig tussen Rowan en zijn twee broers om te laten voelen hoe ook zij gebukt gaan onder het verlies en schuldgevoelens. Een van de sterkste passages is echter een gesprek tussen Rowan en zijn moeder waarin ze aan elkaar hun verpletterende gevoel van schuld bekennen. Die scène wordt gevolgd door een dramatische confrontatie tussen Rowan en zijn vader, waarin de etterbuil in het gezin lijkt open te knappen, net als de wond op Rowans hoofd. Het is een keerpunt, krachtig samengevat in de woorden van Rowans broer Wolf: ‘Het wordt tijd’, zei Wolf. ‘Dat we elkaar gaan redden.’

Dankzij haar suggestieve en beeldende taal dringt Anke Kranendonk diep door in de gedachten en gevoelens van haar jonge hoofdpersonage, heel gewone, herkenbare gevoelens als verliefdheid, onzekerheid en twijfel, maar ook heel verscheurende, confronterende emoties als angst en schuld. Dat zorgt bij Brand voor een intense leeservaring.

Jan Van Coillie

 

Nieuw

Thema's

Leeftijd

Auteur