De boze billenbijter

  • Auteur:
  • Illustrator: Leriette Desir van Bergen
  • Aantal pagina's: 160
  • De Eenhoorn
  • 2020

Onze recensie

Kettingsprookjes en volksverhalen met een herhaalmotief zijn van alle tijden en windstreken. Waarschijnlijk ontstonden ze als hulpmiddel voor het geheugen bij de orale overlevering. De in elkaar grijpende sequenties in zulke verhalen zorgen voor een logische opbouw en maken het navertellen gemakkelijker. Kinderen zijn er dol op, willen ze eindeloos opnieuw horen en wijzen de verteller feilloos op een ontbrekende schakel. Van generatie tot generatie is op deze wijze levenswijsheid doorgegeven en werd de kinderziel gevormd. Volgens het recentste onderzoek al  vele duizenden jaren lang.

Kristien Dieltiens (gekend van o.a. de Woutertje Pieterprijs 2013 met haar ‘Kelderkind’) heeft 36 van zulke verhalen herwerkt en naverteld voor de allerkleinsten. In twee aparte categorieën (vanaf 3 jaar en vanaf 5 jaar) kunnen we genieten van de avonturen van Kippetje Vliegensvlug, Berelolni, Jan Jannemans die alleen nog maar ‘pipperdepip’ en ‘wapperdewap’ kan zeggen, Vondevogel, Jack en zijn ‘trippeltrappelpan’ en talloze andere figuren. Natuurlijk ontbreekt ook de figuur uit de titel niet: de Boze Billenbijter, waarbij we onwillekeurig aan C. Buddingh’s mysterieuze Blauwbilgorgel moeten denken. Uiteraard heeft de auteur veel van deze namen zelf verzonnen en heeft ze al eens gesleuteld aan meer bekende versies van de verhalen. Niets op tegen, maar voor enkele gekende sprookjes kan dat wel eens problemen opleveren. Wat als het kind al vertrouwd is met ‘De drie Biggetjes’ en dan kennis maakt met deze variant met drie eendjes in ‘Spaghetti maken’? Of ‘Goudlokje’ al kent en hier kennismaakt met de Russische variant van ‘Misjoetka en het meisje’? ‘Soep van steen’ kennen kinderen misschien al eerder van andere versies waarbij soms een hamer het hoofdingrediënt van de soep is. Onoverkomelijk is dit niet en in wezen onvermijdelijk bij deze aanpak. In haar nawoord wijst de auteur er bovendien op dat veel verhaalmotieven sowieso in varianten in verschillende culturen voorkomen. De voorlezer is er best wel op bedacht.

De taal die Dieltiens hanteert leent zich uitstekend voor dit soort verhalen. Als je als volwassene deze verhalen alleen leest, kan je zo al voelen dat de verhalen dolle pret zullen opleveren bij de kinderen. Alles leest lekker weg en laat zich ritmisch voorlezen. De eenvoudige zinnetjes, de levendige conversaties en het kleurrijke taalgebruik maken van dit boek een bron van eindeloos voorleesplezier.

De vele illustraties van Leriette Desir van Bergen verdienen een aparte vermelding: altijd liefelijk en smaakvol met veel leuke details. Vaak worden kledingstoffen met een motiefje gebruikt in collages waar zorgvuldig omheen getekend werd in aangename kleuren.

In een interessant nawoord geeft de auteur wat uitleg over de verhaalelementen (het getal, de tijdsgeest, de dieren die menselijke eigenschappen vertolken). Ook vertelt de auteur over haar motivatie en haar werkwijze. Sprookjes ontdeed ze van latere, romantische toevoegingen die de oorspronkelijke kracht wegnemen en wil ze terug voorzien van de ritmische herhaling die kinderen steeds opnieuw kan boeien. Naar onze mening is Kristien Dieltiens hier met verve in geslaagd.

Dirk Tavernier

Nieuw

Thema's

Leeftijd

Auteur